LEERKRACHT (1)

Handleiding bij de webkwestie ‘typisch Nederland’

Voordat de leerlingen aan de slag gaan met de webkwestie raden wij u aan om de computers vast op te starten in het startscherm, zodat er weinig tijd verloren gaat.

De leerlingen starten met een korte introductie. Beatrix vraagt aan Amalia of ze mee op reis gaat.

Wij hebben gekozen voor deze vorm, omdat het voor kinderen heel herkenbaar is.
 
De leerlingen worden door een herhaalde instructie aangespoord om zelf de hele webkwestie te doorlopen. Hierbij wordt steeds verwezen naar: klik op “volgende”.

Wij vonden de door ons gekozen onderwerpen essentieel horen bij Nederland en hebben geprobeerd om deze op een voor kinderen herkenbare en speelse manier aan te bieden.

Hierbij hebben we gelet op ons taalgebruik. Lange zinnen of in onze ogen te lastige woorden hebben we gesplitst.

We hebben gebruik gemaakt van korte stukjes tekst, zodat ook de zwakke lezers kunnen meekomen en niet direct afschrikken.

We hebben gebruik gemaakt van veel plaatjes in sprekende kleuren.

Onze achtergrond bestaat steeds uit hetzelfde plaatje, zodat het rust geeft en een eenheid vormt.

Lettertype: Trebuchet MS in lettergrote 14 en vetgedrukt, leek ons een gemakkelijk leesbaar lettertype voor leerlingen in groep 4.

De keuze van het filmpje van koe tot koelkast is gekozen op de volgende basis: makkelijke spreektaal, korte tijdsduur, uitgebreide informatie.

Vervolgens wordt dit onderdeel afgerond met een werkblad.

Opdracht 1 is speciaal voor de zwakke lezers. Bij deze opdracht draaien ze de letters om, zodat het weer een bestaand woord wordt.

Opdracht 2 is niet helemaal op niveau, maar zal de meeste kinderen wel aanspreken, omdat ze houden van tekenen en kleuren.

Opdracht 3 is het afschrijven van een verhaaltje, deze opdracht is geschikt voor elk niveau omdat iedereen zijn/ haar eigen inbreng heeft.

Opdracht 4 bestaat uit het doen van een proefje waarbij de leerlingen melkproducten gaan proeven. U zult zelf even moeten kijken of uw groep deze activiteit zelfstandig uit kan voeren.

Vergeet u niet te vragen aan de leerlingen wie er een melkallergie heeft?

De leerlingen krijgen vervolgens de opdracht om zelf een molen te knutselen. Denkt u er aan, om de verschillende materialen klaar te zetten en de leerlingen er aan het begin van de les op te wijzen waar ze deze materialen kunnen vinden.

Deze opdracht kunnen de leerlingen uitvoeren op hun eigen niveau.

Als er vragen zijn over molens die u niet kan beantwoorden, kan de molenaar op http://www.adplomp.nl/zogaatdemolen/ u vast verder helpen. U vindt hem onder het kopje vragen. Wij hebben zelf ondervonden dat we diezelfde dag nog een helder antwoord kregen.

We maken een klein begin met het uitleggen van een stamboom. Hierbij beperken we ons tot één kant van de familie. Hierdoor krijgen de leerlingen zicht op de lijn in de familie en de werking van de stamboom. In dit geval de stamboom van Amalia. We gaan er kort op in dat Bernard is overleden, maar we maken hier geen drama van. We laten Amalia daar luchtig op reageren.

>> vervolg >>
Subpagina''s (1): Leerkracht (2)